Belagers Het veldwerk << Terug

Probeer het veldwerk rondom de belagers uit de zoogdiergroep in de periode van november tot april uit te voeren. Vooral tijdens sneeuwperioden is het nodig om in één of twee dagen het gehele werkgebied in de winter op sporen te inventariseren.

Soms is het nodig om dit extra in het vroege voorjaar (voor 15 maart) te herhalen omdat bijvoorbeeld vossen zich in die tijd vestigen om zich voort te planten. Ook als er geen sneeuw ligt, is het van belang de eerder verzamelde gegevens te (laten) controleren. De vliegende broedvogels onder de belagers moeten in het voorjaar, met de zogenaamde BMP methode (raadpleeg www.sovon.nl) in kaart gebracht worden. Voer de tellingen, ook van de niet broedende soorten, minimaal zes maal in de periode eind begin maart tot en met april uit. Combineer dat met de periode 15 maart tot ongeveer 15 mei als de broedvogels in kaart worden gebracht. Leg de broedvogels vast door maximaal vijf keer het werkgebied op de aanwezigheid van verse  nesten en broedparen te karteren. Maar pas op: sommige soorten zoals de Zwarte Kraai maken meerdere nesten. Noteer dus ook de volwassen vogels die gezien worden. Dubbeltellingen worden dan vermeden. Werk altijd met actuele kaarten en met gekleurde stippen die in de legenda op de kaart de tijdstippen van de waarnemingen aangeven.

spacer

Foto’s

spacer

Heeft u vragen?
Neem contact met ons op

Herhaal onderstaande karakters voordat u het formulier verstuurt.
 
Vogelbescherming gaat zorgvuldig om met uw gegevens. Wij gebruiken ze om u te informeren over ons werk, onze producten en voor marketingdoeleinden. Als u daar bezwaar tegen hebt, kunt u dat aangeven via info@vogelbescherming.nl . Klik hier voor meer informatie over privacy
spacer

Bekijk ook: